In Megchelen sneuvelt op het hoofdkwartier van de Queen's Own Highlanders of Canada Captain Francis Walter Andrew Glossop door inslagen van 88mm granaten. Bij Netterden sneuvelen 8 soldaten van de Queen’s Own Cameron Highlanders of Canada. Harry Gregory Bozak, Einar Victor Isfeld (DOW)*, Edward Oliver Oberg, Bertrum Joseph Thomas, William Prow, Frederick Lissoway, Vincent Albert Moore en Rocco Andrew Speziali.

Bij buurtschap Milt sneuvelen van de Queen’s Own Cameron Highlanders of Canada John Graham MacFie en Charles Joseph Younes en in Varsselder sneuvelt Anton William Kohlruss.
Van het 8th Recce sneuvelen in Netterden William Lawrysyn en Leslie Albert Duckett. Laurenzo Joseph Dubé van het 8th Recce sneuvelt bij de verkenning van Netterden door 88mm granaten. Zijn lichaam wordt meegenomen naar Gendringen en begraven achter de openbare school in Gendringen. Op het lint van zijn veldgraf staat de tekst “Gendringen dankt de Bevrijders “.

William Lawrysyn en Leslie Albert Duckett worden meegenomen naar Megchelen waar ze worden begraven bij weduwe Van Huet.
Bij buurtschap Wieken sneuvelen van de Les Fusiliers Mont-Royal 6 soldaten. Edmond Coulombe, Jacques Fortin, Joseph Paul Roland Caron (DOW)*, Bernard Gaston Pilon (DOW), Alphonse Robert en Roland Alfred Barry.

In Etten sneuvelen van het South Saskatchewan Regiment 4 soldaten, Peter Hydichuk, James Joseph Maloney, William Sernowski en Michael Joseph McDermott (DOW)* James Joseph Maloney sneuvelt op 31 maart 1945 in buurtschap IJsselhunten bij Etten. Hij krijgt een veldgraf in het weiland bij de boerderij van Alofs. Michael Joseph McDermott raakt op 31 maart 1945 gewond tijdens de slag om Etten. Hij overlijdt op 5 augustus 1945 om 7.30 uur in het Horley Military Hospital in Burstow bij Crawley, Surrey.

Mario Ruaben van het Fort Garry Horse raakt dodelijk gewond in Etten en bezwijkt op 2 april 1945 in het militair hospitaal te Bedburg-Hau.

In Etten sneuvelt ook Ivan Rayburn Nilsson van de Royal Canadian Artillery

In Silvolde sneuvelt Ernest George Graham en in Terborg sneuvelt Robert Walker(DOW)* beiden soldaten zijn van de Black Watch of Canada.

In april 1945 wordt er aan de Nieuweweg in Megchelen een noodbegraafplaats aangelegd. Hier worden 18 Canadese soldaten begraven die in de omgeving van Gendringen en Wisch zijn gesneuveld. Van het Les Fusiliers Mont-Royal raakt Bernhard Gaston Pilon bij Wieken dodelijk gewond, hij overlijdt nog dezelfde dag in het militair hospitaal te Bedburg-Hau. Joseph Paul Roland Caron bezwijkt op 5 April 1945 aan zijn verwondingen die hij heeft opgelopen in Wieken.
James Joseph Maloney, William Prow en Laurenzo Joseph Dubé worden begraven op de Canadese begraafplaats in Holten.
De 18 soldaten die op de noodbegraafplaats lagen begraven zijn allemaal op 24-01-1946 overgebracht naar de Canadese begraafplaats in Groesbeek.

(DOW)* "Died of Wounds"
Bron:
Bernhard Deeterink
Ontwerp foto : Hans Bresser
Met dank aan Bart Bresser
Auteur/Schrijver Maarten Koudijs
























